Steunpunt voor de Diensten Schuldbemiddeling van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Info & Tools

Welke rechtsmiddelen tegen misbruik door gerechtsdeurwaarders. (OKTOBER 2019)

In de praktijk wordt een schuldbemiddelaar vaak geconfronteerd met maatregelen van deurwaarders die hij als onevenredig of onrechtmatig beschouwt. Door het statuut van ambtenaar van de burgerlijke stand is het beroep van gerechtsdeurwaarder een erg gecontroleerd en beschermd beroep, in die mate dat hij een zekere immuniteit lijkt te genieten en hem niets ten laste kan worden gelegd. Maar er bestaan echter verschillende rechtsmiddelen tegen misbruik door gerechtsdeurwaarders.

Dit artikel gaat in op de mogelijkheden van de diensten schuldbemiddeling om tegen misbruik op te treden. Wij raden u steeds aan om vooraf contact op te nemen met het Steunpunt. Het Steunpunt kan u advies geven over de slaagkansen van uw betwisting en kan u ondersteunen, of zelfs in uw naam optreden als u dat wenst. Aan het eind van dit artikel vindt u een overzicht van de klachten die wij recentelijk hebben ingediend.

Indien u ook een klacht heeft ingediend tegen een gerechtsdeurwaarder, aarzel dan niet om ons op de hoogte te stellen van de voortgang en/of de resultaten zodat wij deze informatie eventueel kunnen delen met de andere diensten schuldbemiddeling.

Om te beginnen moet men er rekening mee houden dat het beroep van gerechtsdeurwaarder geen gemakkelijk beroep is. Deurwaarders zijn onderworpen aan een groot aantal vaak erg complexe regels. Bovendien zijn ze tussenpersoon in een conflict waarin de belangen van de schuldeiser botsen met de rechten van de schuldenaar en heerst er in sommige zaken een grote sociale of emotionele geladenheid. Deurwaarders zijn daartegen niet echt gewapend. Dit heeft tot gevolg dat, ook al lijken sommige handelingen van de deurwaarder onrechtmatig of onwettig, dit nog niet betekent dat de deurwaarder daadwerkelijk een fout beging (of dat hij zelf de oorzaak is van de fout).

Bovendien stelt men in de praktijk vast dat de meerderheid van de gerechtsdeurwaarders hun werk goed doen en dat de problemen eigenlijk slechts door een minderheid worden veroorzaakt (deze deurwaarders behandelen echter een groot aantal zaken). De klachten die door het Steunpunt in Brussel zijn ingediend en er worden opgevolgd, hebben dan ook slechts betrekking op twee kantoren in het bijzonder.

Materiële vergissingen zijn echter mogelijk. Vooraleer een klacht wordt ingediend, is het bijgevolg altijd beter om advies in te winnen bij een gespecialiseerd advocaat en om vooral eerst te proberen om een minnelijke schikking te treffen met de deurwaarder.

Als de gerechtsdeurwaarder bij zijn standpunt blijft (of niet binnen een redelijke termijn antwoordt), heeft u verschillende mogelijkheden. U kunt:

  1. de kosten aanvechten voor de rechter ;
  2. beroep aantekenen bij de ombudsman van de gerechtsdeurwaarders ;
  3. een tuchtrechtelijke klacht indienen.

EERST BETWISTEN BIJ DE DEURWAARDER

Ook al is de gerechtsdeurwaarder onderworpen aan een algemene informatieplicht [1], toch is het op basis van alleen een afrekening soms moeilijk om na te gaan waarom bepaalde kosten worden aangerekend, vooral wanneer de schuldbemiddelaar middenin een zaak aan de slag moet en alleen over de versie van de schuldenaar beschikt. Daarom is het beter om, alvorens een beroep te overwegen, contact op te nemen met de gerechtsdeurwaarder om hem om uitleg te vragen. Het is raadzaam om bij dit eerste contact aan te geven dat de kosten waarvan de grond niet kan worden achterhaald, formeel worden betwist. Zo wordt de deurwaarder gedwongen om te antwoorden, en kan men hem later ten minste ook het verwijt maken dat hij niet antwoordde in geval zijn antwoord uitbleef.

Deze voorafgaande betwisting is voor bepaalde klachtenprocedures, zoals de tussenkomst van de Ombudsman, zelfs verplicht.

Welke vorm moet deze hebben ? Voor bewijsdoeleinden moet elke betwisting op een zeker ogenblik schriftelijk gebeuren. Een aangetekende brief is niet verplicht. Een eenvoudig schrijven of zelfs een e-mail volstaan zolang het gebruikte adres overeenstemt met het adres dat in de brief van de gerechtsdeurwaarder of eventueel op zijn website wordt vermeld. Contact opnemen of onderhandelen per telefoon is soms doeltreffender. Echter, om zaken aan te tonen dient men achteraf steeds schriftelijk te bevestigen.

Aarzel niet om ons te raadplegen vooraleer u contact opneemt met de gerechtsdeurwaarder. Wij kunnen u een eerste advies geven of u helpen om uw brief op te stellen. (voorbeeld van een standaardbrief in bijlage)

Welk effect wordt beoogd ? Opgelet! Deze betwisting heeft geen opschortende werking. Dit betekent dat de gerechtsdeurwaarder niet verplicht is om er rekening mee te houden. Indien het beroep daarentegen gegrond blijkt te zijn, kan hij later tuchtrechtelijk worden vervolgd of zelfs worden veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding wegens het uitblijven van een antwoord, tenzij de betwisting kennelijk ongegrond of lichtzinnig was, of hij er reeds op had gereageerd.

De betwisting van bepaalde bijkomende kosten ontslaat de schuldenaar immers niet van zijn verplichting om de rest van de schuld, die ontegenzeggelijk verschuldigd is, te betalen. Ongeacht de betwisting moet dit ontegenzeggenlijk verschuldigde bedrag zo snel mogelijk worden betaald of moet minstens een betaalregeling worden getroffen met de deurwaarder. Schuldenaars die niet betalen, worden geacht te kwader trouw te handelen. De gerechtsdeurwaarder zou de kosten die later worden gemaakt, kunnen rechtvaardigen, aangezien een deel van de niet-betwiste schuld onbetaald blijft.

Welk resultaat mag men verhopen ? Ongeacht de procedurele fase waarin men zich bevindt, kan een minnelijke betwisting steeds resultaat opleveren. In een minnelijke fase heeft de schuldeiser, vertegenwoordigd door de deurwaarder, er belang bij om zijn geld onmiddellijk terug te krijgen, ook al betekent dit dat hij een deel van de betwiste kosten moet laten vallen. De kans bestaat immers dat een rechter deze kosten niet zou erkennen. In de gerechtelijke fase, ook al heeft de deurwaarder normaal gesproken niet het recht om kosten kwijt te schelden [2], verleent hij in de praktijk soms kwijtschelding van "betwiste" kosten door een materiële vergissing in te roepen.

Het feit dat de gerechtsdeurwaarder een afrekening corrigeert, belet u niet om een tuchtrechtelijke klacht in te dienen (vooral als de gewraakte feiten zich herhalen). In één van de zaken die wij volgen werd de gerechtsdeurwaarder veroordeeld door de tuchtcommissie, ook al had hij afgezien van de betwiste kosten. Deze waren herhaaldelijk door de schuldbemiddelaar aangevochten.

BETWISTING VOOR DE RECHTER

De meest radicale manier om onrechtmatige kosten ongedaan te maken, is de zaak voor de bevoegde rechter te brengen, die dan zal oordelen of de kosten al dan niet in overeenstemming zijn met de wet. In tegenstelling tot de andere twee methoden moet deze stap door de betrokkene zelf worden gezet en kan hij of zij de schuldbemiddelaar (of het Steunpunt) hiervoor geen volmacht verstrekken. Deze procedure en de doeltreffendheid ervan zijn afhankelijk van het stadium van de procedure waarin het dossier zich bevindt.

Indien de zaak zich nog steeds IN DE MINNELIJKE FASE bevindt en er nog geen dagvaarding plaatsvond, is het in principe niet aan de schuldenaar om de zaak voor de rechter te brengen maar wel aan de schuldeiser. Geconfronteerd met een schuldenaar die deurwaarderskosten betwist die hij als onrechtmatig beschouwt, heeft de schuldeiser in principe geen andere keuze dan deze kosten in te trekken of de zaak aanhangig te maken bij een rechter, die als enige bevoegd is om te oordelen wie gelijk heeft.

Let wel, vergeet niet dat gerechtsdeurwaarderskosten slechts "nevenkosten" zijn ten overstaan van de hoofdschuld en dat het betwisten van deze nevenkosten de verplichting om de hoofdsom te voldoen niet opschort. Zelfs als de rechter het met de schuldenaar eens is en de betwiste kosten verwerpt, zal hij hem toch moeten veroordelen voor de rest van de schuld. Het is dan waarschijnlijk dat de schuldenaar ook een deel van of zelfs alle gerechtskosten zal moeten betalen. Dit kan soms (veel) duurder uitvallen dan het bedrag van de betwiste som. Als daarentegen alleen de betwiste kosten onbetaald blijven, zal de schuldeiser wel twee keer nadenken alvorens te dagvaarden. De rechter zal immers rekening houden met de goede trouw van de schuldenaar.

Indien de gerechtsdeurwaarder ondanks de betwisting en de betaling van de onbetwistbaar verschuldigde bedragen blijft aandringen zonder de zaak voor de rechter te brengen, maakt hij zich schuldig aan intimidatie en kan hij worden vervolgd voor de tuchtcommissie.

We merken op dat in de minnelijke fase normaal gesproken geen andere compensatie kan worden geëist van de schuldenaar dan de bedragen die in de onderliggende overeenkomst zijn overeengekomen. (Artikel 5 van de Wet van 20 december 2002 betreffende de minnelijke invordering van schulden van de consument). De deurwaarder mag de kosten van zijn tussenkomst niet bij de schuldenaar in rekening brengen. Een geïnformeerde schuldeiser zal in zijn algemene voorwaarden een strafbeding opnemen, d.w.z. een sanctie in geval van niet-betaling die de invorderingskosten kan dekken. De regels voor strafbedingen zijn echter zeer streng en het bedrag moet beperkt en voorspelbaar zijn, zo niet zullen deze bedingen onrechtmatig worden verklaard. Sommige schuldeisers dachten dit op te lossen door in hun algemene voorwaarden te stipuleren dat de deurwaarderskosten in de gerechtelijke fase (Koninklijk Besluit van 1976) ook van toepassing zijn in de minnelijke fase. Zo’n beding is echter onrechtmatig en druist in tegen de geest van de wet. Het wordt aangevochten door veel diensten schuldbemiddeling en sommige rechters aarzelen niet om het beding in kwestie nietig te verklaren. Het is ons echter nog niet gelukt om de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders zover te krijgen dat zij de gerechtsdeurwaarders veroordelen die systematisch gebruik maken van dergelijke bedingen.

TUSSEN DE DAGVAARDING EN DE DEFINITIEVE BESLISSING mag de schuldenaar niet nalaten de hoorzittingen bij te wonen en mag hij vooral niet in gebreke blijven. Indien niemand aanwezig is om de rechter van de betwisting door de schuldenaar op de hoogte te brengen, zal hij er geen rekening mee kunnen houden en zal hij moeten instemmen met het verzoek van de verzoekende schuldeiser. Een rechter moet neutraal blijven en kan een niet-betwist verzoek alleen weigeren in te willigen indien het in strijd is met de openbare orde, absoluut nietig is of manifest onrechtmatig is. Of een beding al dan niet onrechtmatig is, is een kwestie van beoordeling door de rechter. Sommige rechters wijzen onrechtmatige strafbedingen zonder uitzondering af, maar dat geldt niet voor alle rechters.

In de GERECHTELIJKE FASE kan de gerechtsdeurwaarder alle rechtsmiddelen die hem ter beschikking staan, aanwenden om de uitvoering van het vonnis af te dwingen. Alle verzoeken die verband houden met de tenuitvoerlegging moeten echter worden voorgelegd aan de beslagrechter (art. 1395 en 1396 van het Gerechtelijk Wetboek). Het heeft dus geen zin de zaak weer te verwijzen naar de rechter die de zaak ten gronde heeft behandeld, want het is alleen de beslagrechter die bevoegd is om een deurwaarder te dwingen, af te zien van onnodige kosten. Hij heeft zelfs de mogelijkheid om deze laatste te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding (art. 866 GW), maar daarvoor is het noodzakelijk om de deurwaarder in de dagvaarding te vermelden en niet alleen de schuldeiser. We merken op dat, ook al kunnen beslissingen van de beslagrechter een grote invloed hebben op de grond van de zaak, ze op geen enkele manier iets kunnen veranderen aan de geldigheid van de schuld die aan de oorsprong van de procedure ligt.

Een dergelijke betwisting voor de beslagrechter moet gebeuren via dagvaarding en er moet een beroep worden gedaan op een advocaat (voor het formuleren van het beroep) en een andere gerechtsdeurwaarder (voor de betekening van de dagvaarding). Dit brengt aanzienlijke kosten met zich mee die moeilijk in te schatten zijn. We wijzen er op dat personen die hiervoor in aanmerking komen, een beroep kunnen doen op kosteloze juridische hulp en/of rechtsbijstand.

Dit type beroep is niet opschortend maar maakt het wel mogelijk om de annulering van de kosten te vorderen en tegelijk ook een eventuele schadevergoeding.

De beslagrechter heeft ook de mogelijkheid om op eigen initiatief een zaak aanhangig te maken en het optreden van de gerechtsdeurwaarder te controleren (art. 1396 GW). Tijdens een ontmoeting in 2017 gaf een rechter die we hierover aanspraken, toe dat de werklast voor de rechters te zwaar was om zelf extra dossiers aan te kunnen nemen.

OMBUDSMAN

De wet van 4 april 2014 stond de oprichting toe van entiteiten voor de buitengerechtelijke beslechting van geschillen, te weten de ombudsmannen. De opdracht van de ombudsman van de gerechtsdeurwaarders bestaat erin, zich te buigen over alle consumentengeschillen en alle andere geschillen tussen een derde en een (kandidaat-)gerechtsdeurwaarder.

Het heeft enige tijd geduurd voor de Nationale kamer van Gerechtsdeurwaarders de juiste kandidaat vond voor deze functie, maar sedert 6 september 2018 is Dhr. Arnout De Vidts benoemd. Hij is aangesteld voor een hernieuwbare periode van 3 jaar.

Het indienen van een klacht bij de ombudsman is gratis en kan per post of online gebeuren via de website https://www.ombudsgdw.be/home. De enige vereiste is dat het geschil al eerder het voorwerp was van een betwisting bij de betrokken deurwaarder. Er mag tegelijk echter geen gerechtelijke procedure zijn ingeleid of een andere, buitengerechtelijke schikking zijn getroffen. Dit moet voorkomen dat twee verschillende verhaalmiddelen tegelijk worden benut. Deze kunnen immers leiden tot twee tegenstrijdige beslissingen.

De ombudsman zal dan proberen de standpunten van beide partijen met elkaar te verzoenen en, indien geen akkoord wordt bereikt, een niet-bindend advies te geven. Hij kan geen van beide partijen dwingen om hun standpunt te herzien. Het staat elke partij vrij om te beslissen, zich niet aan dat advies te houden en het geschil voor de rechter te brengen.

De verwerkingstijd varieert afhankelijk van de complexiteit van de zaak, maar mag een termijn van 90 dagen niet overschrijden. Deze periode kan slechts eenmaal worden verlengd met eenzelfde termijn van maximaal 90 dagen. Merk op dat art. XVI.27 van het WER bepaalt dat van zodra de Ombudsman “een volledige aanvraag tot buitengerechtelijke regeling heeft ontvangen, de verjaringstermijnen van gemeen recht worden geschorst".

Ook al is de ombudsman onafhankelijk, toch moet men beseffen dat de ombudsman wordt betaald door en kantoor houdt bij de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders. Dit kan eventueel vragen doen rijzen over zijn reële onpartijdigheid. Het Steunpunt kon deze verhaalprocedure in één jaar tijd echter nog niet echt testen. Onze rol beperkt zich immers niet tot het vinden van een oplossing voor een zaak, we willen vooral het systematische gedrag van bepaalde gerechtsdeurwaarders aan de kaak stellen. Op het moment van schrijven kijken we met ongeduld uit naar het eerste jaarverslag van de ombudsman, dat naar verwachting eind september zal worden gepubliceerd.

TUCHTPROCEDURES TEGEN GERECHTSDEURWAARDERS

Eenieder die beweert het slachtoffer te zijn van een fout van een deurwaarder in de uitoefening van zijn functie, heeft het recht om een tuchtrechtelijke klacht in te dienen. Hiertoe dient een persoon schriftelijk een gemotiveerde klacht in bij de rapporteur van de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders. Hij kan deze klacht ook voorleggen aan de rapporteur van de Arrondissementskamer of aan de procureur des Konings [3]. Deze kunnen dan beslissen om de zaak in behandeling te nemen en deze zelf doorsturen naar de rapporteur van de Nationale Kamer.

De rapporteur van de Nationale Kamer zal de betrokken gerechtsdeurwaarder ondervragen, een onderzoek voeren en een rapport schrijven. De rapporteur kan ook proberen de partijen met elkaar te verzoenen voordat hij of zij beslist wat hij/zij gaat doen. Indien er geen verzoening plaatsvindt, verwijst hij de zaak samen met zijn rapport door naar het Directiecomité van de Nationale Kamer van Gerechtsdeurwaarders.

Het Directiecomité zal het dossier vervolgens analyseren en kan verzoeken om de partijen mondeling te horen. Indien het Directiecomité van oordeel is dat de klacht gegrond is, zal het deze doorsturen naar de Tuchtcommissie in het rechtsgebied van het hof van beroep (Antwerpen, Gent, Brussel, Luik en Bergen) waarvan de betrokken gerechtsdeurwaarder afhangt. Merk op dat in geval van een weigering om de zaak te verwijzen naar deze Commissie, de particulier, de rapporteur van de Arrondissementskamer of de procureur die de klacht indiende, verhaalmogelijkheid hebben om de zaak rechtstreeks bij deze Tuchtcommissie aanhangig te maken.

Deze procedure omvat dus drie stappen, drie filters vooraleer het tot een eventuele veroordeling komt. Tijdens elk van deze stappen heeft de deurwaarder het recht om zich te verdedigen en uitleg te verstrekken. Voor meer informatie over het verloop van de procedure verwijzen we graag naar het artikel over dit thema dat op de website van Portail Wallonie, gewijd aan overmatige schuldenlast, werd gepubliceerd.

Deze klacht is gratis en heeft tot doel de in gebreke gebleven deurwaarder te sanctioneren met een waarschuwing, een boete, of in het ergste geval met een schorsing of zelfs de ontzetting uit zijn ambt als gerechtsdeurwaarder.

Deurwaarders die door collega’s worden veroordeeld, schikken zich doorgaans naar die beslissing en laten de betwiste kosten vallen. Ze zijn hiertoe formeel echter niet verplicht. Laat de deurwaarder de kosten niet vallen, dient men de zaak voor de bevoegde rechter te brengen. Er is dan een grote kans op succes. De wet bepaalt dat het in de gerechtelijke fase de Tuchtcommissie is die de beslagrechter op de hoogte brengt [4].
We wijzen erop dat voor de behandeling van de klacht geen termijn wordt opgelegd (afgezien van de termijn voor de ontvangstbevestiging). Dit is betreurenswaardig.

Zo leidde bijvoorbeeld nog geen enkele van de klachten die het Steunpunt op 5 februari 2018 indiende, tot een beslissing. Het Steunpunt mocht zelfs het advies van de rapporteur van de Arrondissementskamer nog niet ontvangen.

Bovendien kan tegen het besluit van de Tuchtcommissie in beroep worden gegaan. De enige beslissing die wij volgen en die reeds tot een tuchtmaatregel heeft geleid, werd onmiddellijk aangevochten door de gerechtsdeurwaarder voor de rechtbank van eerste aanleg. De zaak is nog steeds hangende, ook al dateert de klacht van september 2014.

Doordat de tuchtrechtelijke klachtenprocedure tegen gerechtsdeurwaarders erg omslachtig is, geen resultaat garandeert en het dossier niet vooruithelpt, raken schuldbemiddelaars vaak ontmoedigd. Daarom stelt het Steunpunt al enkele jaren voor om de neerlegging en de opvolging van klachten voor zijn rekening te nemen. Om de procedure in te leiden, volstaat het dat men de schuldenaar een volmacht laat ondertekenen op naam van het Steunpunt, dat men hem een formulier laat invullen en de nodige documenten en uitleg bezorgt.
Volmacht klacht deurwaarders

Ziehier een link naar een overzicht van de klachten die wij volgen.
Het minste dat kan worden gezegd is dat de Nationale Kamer niet echt haast heeft. Er wordt op grote schaal misbruik gemaakt van het ontbreken van een wettelijke termijn, wat het gevoel van straffeloosheid versterkt. Het uitblijven van een antwoord van de tuchtrechtelijke autoriteiten van de gerechtsdeurwaarders op onze klachten, geeft ons echter objectieve elementen die ons in staat stellen de afwezigheid van een reële controle op de activiteiten van de gerechtsdeurwaarders aan te tonen. Uiteindelijk zal dit in ons voordeel werken om van onze toekomstige regering de ingrijpende wetswijzigingen te bekomen waar we al jaren om vragen... en zo eindelijk een einde te maken aan de misbruiken (hoop doet leven )

Aangezien de besluiten van deze Commissie niet worden gepubliceerd, willen we u vragen niet te aarzelen om ons de resultaten van uw procedures mee te delen of uw lopende zaken. Wij kunnen deze informatie dan delen met de andere diensten schuldbemiddeling.

[1Art 519, 3° van het Gerechtelijk Wetboek

[2Art. 2, 4° van het KB van 30 november 1976 tot vaststelling van het tarief van de handelingen van de gerechtsdeurwaarders in burgerlijke en handelszaken en van bepaalde uitkeringen.

[3Merk op dat de invorderaar zich blootstelt aan strafrechtelijke vervolging als hij de Wet van 20 december 2002 betreffende de minnelijke invordering niet naleeft. Het is echter niet aan het individu om een dergelijke procedure aanhangig te maken, maar aan de procureur des Konings. Daarom kan het interessant zijn om de procureur des Konings in te zetten als toegangspoort tot een tuchtprocedure of om hem een kopie van de klacht toe te sturen

[4Art. 541 van het Gerechtelijk Wetboek

Agenda

  • Event Steunpunt
  • Event partner
  • Opleiding

Nieuwsbrief